Nova Pousada: Plaats om uit te rusten?

  • door

Over de stoffige rode zandweg rijden we de steile heuvel op. Hier en daar moeten we wat langzamer rijden omdat de weg enorme gaten vertoont. Onderweg komen we werklui van de elektriciteitsmaatschappij tegen, hangend in een enorme betonnen paal; wat een blijdschap, er krijgen weer een aantal huisjes elektriciteit!
Boven op de heuvel aangekomen genieten we van het prachtige uitzicht. In Europa zou dit een elitewijk zijn vanwege de schitterende vergezichten; de werkelijkheid hier in de wijk Nova Pousada (lett: nieuwe uitrustplaats) is echter anders: hier wonen de armen en de allerarmsten.
We lopen naar de Rua do Coqueiro, ofwel de Palmenstraat. Dit klinkt als een prachtig vakantieadres. Niets echter is minder waar. Bovenaan een uitermate steile, in de aarde uitgehakte, trap blijven we even staan en roepen naar beneden, om te kijken of de bewoners thuis zijn: “Oh, de casa…!”. Er verschijnen twee slonzige vrouwen en een aantal in lompen geklede kinderen. Heel voorzichtig dalen we de “trap” af, waarvan geen enkele trede gelijk is, onszelf vastklampend aan elke bamboepaal die we onderweg tegenkomen. Wat ben ik blij dat het niet heeft geregend, want dan zou deze, in mijn ogen oneindige, trap veranderd zijn in één lange glijbaan waar je niet zonder kleerscheuren op naar beneden zou roetsen…..!
We komen bij de schamele hut aan. Wàt een ongelofelijke bende. Het terreintje ligt vol met allerlei rommel, buiten staat de “tanque”, een soort wasbak waar je de was doet, maar ook de afwas, en er zit niet eens een afvoer aan. Als ze de was doen loopt het vieze water dus gewoon over het terreintje, waar de kinderen overdag spelen. Maar hoera: ze hebben tenminste een kraan!
Ergens op het terreintje zie ik nog een gootsteen liggen en lager gelegen op de heuvel staat onder een asbest dakje de buiten-wc: een groot gat in de vloer; de wanden zijn van plastic en een oude deken.
Gelukkig lopen er een paar kippen rond en ik zie dat ze al een paar eieren hebben gelegd; ook heeft de familie een paar bananenbomen. De “keuken” is een soort veranda waar een houtoventje staat. De potten en pannen staan en liggen her en der verspreid en op de vieze borden, die ik ook overal tegenkom, plakken de resten van de maaltijd: zo te zien alleen wat maïspap, rijst en bruinen bonen…
De hut is gemaakt van een houten raamwerk, besmeerd met modder. Het zwartgeblakerde dak is van asbest, de vloer van aangestampte aarde. Overal kan ik zó naar buiten kijken. Ik moet er niet aan denken wat er gebeurt bij een tropische regenbui, als het water met bakken tegelijk uit de hemel stroomt! En dan heb ik het nog niet eens over al het kruipende en glijdende ongedierte dat in dit land rijkelijk vertegenwoordigd is!
Het interieur van de hut is pure armoe. In Nederland zou je er je huisdier nog niet in laten wonen…! Hier dus wel, want de kippen lopen vrij door de drie piepkleine vertrekken zonder deuren.
In de “woonkamer” staat het tweepersoonsbed. Ik zie een fornuisje staan, maar geen gasfles, dus dat werkt niet. Een enorme, roestige koelkast siert de andere hoek van dit kamertje. Gelukkig: ze hebben tenminste elektriciteit.
Moeder Floraci laat ongerust het beentje van het jengelende jongste kindje zien. Hij heeft een enorme zwelling die er heel pijnlijk uitziet. Het kindje was vorige week gevaccineerd. Wat er mis is gegaan zei de dokter niet. Wèl schreef hij medicijnen voor die de toestand dan maar moeten verbeteren. Weer een uitgave, want medicijnen moet je zelf kopen. Als het niet overging moest ze maar terugkomen met het kind, wat weer een enorme wandeling in de hete zon betekent, want Nova Pousada ligt een heel eind van het “beschaafde centrum” van Sabinópolis.
Moeder Floraci ziet er veel te moe uit voor haar 34 jaren. Ze vertelt dat ze op haar 17e is getrouwd en sindsdien 6 kinderen heeft gekregen. Zo nu en dan doet ze wat schoonmaakwerk in het dorp waar ze wat mee bijverdient.
Haar man is na een ongeval op het werk officieel invalide verklaard en heeft nu gelukkig een soort uitkering van zo’n 242 euro per maand.
Als ik de moeder vraag wat haar droom is, glimlacht ze verlegen en zegt: “Mijn droom? Eigenlijk heb ik er een heleboel, maar om te beginnen zou dat een ander huis zijn….”

Nova Pousada: Bouwen aan nieuwe hoop!