Kindercentra en sociale bijstand

  • door

De vraag naar sociale bijstand is niet alleen toegenomen doordat mensen in quarantaine zitten of hun baan verloren. Nu de kindercentra dicht zijn om besmettingen te voorkomen, kan een deel van de ouders niet meer werken omdat er dan niemand is om op hun kind te passen. Een ander deel heeft iets geregeld met (vaak duurbetaalde) opvang, omdat ze als oproepkracht werken en bang zijn dat ze nooit meer opgeroepen worden als ze maandenlang niet werken. Maar door deze kinderopvang, blijft er regelmatig te weinig geld over om van te leven.

Dit is bijvoorbeeld het geval in Euxenita, waar Angeliny en haar dochter Yasmin wonen. Als kind werd Angeliny opgevangen in het kindercentrum. “Zodra ik ontdekte dat ik zwanger was, hoopte ik toch zo dat mijn kind ook naar het kindercentrum mocht. Het is een liefdevolle en betrouwbare opvang. Mijn broers, zussen en ik bewaren warme herinneringen aan onze tijd in het kindercentrum: de bijbelverhalen, gesprekken, het onderwijs en de maaltijden. Dit alles heeft mij echt gevormd. Nu het kindercentrum dicht is vanwege de pandemie, moet ik een beroep doen op mensen in mijn omgeving om voor Yasmin te zorgen. Dit kost veel geld, waardoor ik te weinig overhoud voor het dagelijks eten.

Marizzet Miranda, secretaris van Sociale Bijstand van Euxenita en Sabinópolis, denkt dat de huidige situatie zorgwekkender is dan vorig jaar: “Toen het virus Brazilië bereikte, verloren veel mensen (een deel van) hun baan. De regering lanceerde vervolgens noodhulp, voor gezinnen met een laag inkomen en werklozen. Veel Brazilianen kregen tijdelijk financiële ondersteuning. Deze hulp stopte eind vorig jaar. Gezinnen die ervan afhankelijk waren, werden meer dan 3 maanden aan hun lot overgelaten. Nu, in april 2021, heeft de regering de uitkeringen hervat, maar met hele kleine vergoedingen. Ik denk dat veel mensen de komende maanden nauwelijks rond kunnen komen”.

In de regio waar Angeliny en Yasmin wonen, zijn minstens 4.000 mensen werkloos of hebben een heel laag inkomen. Zij hebben recht op de noodhulp. Omdat deze uitkering moeilijk aan te vragen is, en de bedragen laag zijn, hebben Yasmin en haar moeder daarom ook hulp gekregen van de EZB. Ze ontvingen groenten en fruit uit het EZB-project Gezinslandbouw, rijst en ander voedsel, en hygiëne- en schoonmaakproducten.

Alleen al in 2020 heeft het project Gezinslandbouw meer dan 1.200 kilo groenten en fruit geteeld en gedistribueerd aan kwetsbare gezinnen van de kindercentra.

De voedsel-, hygiëne- en schoonmaakpakketten hebben we kunnen aanschaffen door giften van EO-Metterdaad, Tear fund België en meelevende EZB-donateurs. Wij zijn jullie allemaal bijzonder dankbaar voor jullie steun, gebeden en medeleven!